Copyright Featured Image and Page Header Image: The Walt Disney Company

Mijn eerste bioscoopervaring

 

Voor veel mensen geldt dat een Disney-film de eerste kennismaking met een filmvertoning in de bioscoop is. Voor mij was dit Mary Poppins (1964). Een film die inmiddels elk jaar een reprises krijgt op televisie in de Kerstweken. Daarnaast is er de Sing-Along dvd-versie, de 2-Disc 40th Anniversary Special Edition, de succesvolle live musicalversie van 2004 en de sequel van 2018.

Mary Poppins was winter 1965/1966 in Nederland slechts op drie plaatsen te zien: wij gingen naar de bioscoop De Passage (Den Haag) maar hadden ook kunnen kiezen voor Tuschinski (Amsterdam) of Thalia (Rotterdam). In mijn herinnering zagen wij de originele versie met ondertitels. Wat zie je als vijfjarige, in mijn geval in de kerstweek van 1965, in de toen erg nieuwe en moderne Haagse bioscoop De Passage?

De verhaallijn is te complex om te overzien voor een vijfjarige die de ondertitels nog niet kan lezen en een korte concentratieboog heeft. Maar dat geeft niet, want je zit met open mond te kijken naar losse elementen die je verwonderen en bekoren. Het onderlinge verband is niet van belang en de waarschijnlijkheid van het verhaal al helemaal niet.

Kijk daar, plotseling staan stoere schoorsteenvegers te dansen op het dak en even later zie je een bijzondere theevisite als de kinderen met hun Nanny op bezoek gaan bij oom Alfred die zo onbedaarlijk moet lachen dat hij opstijgt met stoel en al. Er zit niets anders op dan dat de thee geserveerd wordt terwijl iedereen ontspannen zwevend tegen het plafond zit.

En natuurlijk is het volstrekt aannemelijk dat het hele gezelschap in een krijttekening op de stoep verdwijnt en dan ontspannen rondwandelt in een getekende wereld met een prachtige kermis en dansende pinguïns en draaimolenpaarden die losbreken. En warempel: iedereen is ook nog net op tijd terug op straat als het hard gaat regenen. Deze sequentie heeft een hoog cultgehalte verworven, vanwege de overdaad aan pasteltinten en de over-de-top zuurstokkenwereld.

Stel dat ik ooit zou worden uitgenodigd voor Zomergasten, dan zou ik mijn eerste fragment uit Mary Poppinskiezen. De pratende paraplu is leuk, maar natuurlijk zal het onvermijdelijk een liedje moeten worden, integraal in volle glorie getoond. Ik twijfel nog tussen ‘A Man Has Dreams’ (lichtelijk melancholisch) of ‘Let’s Fly a Kite’ (het feel-good moment). In beide gevallen staat de vaderfiguur centraal, waarover later meer.

Mijn achterliggende algemene motivatie ligt ten eerste op het vlak van human interest, gewoon een kwestie van onversneden jeugdsentiment, mijmeringen over de gelukzalige ervaring in de bioscoop en de geborgenheid van een liefdevol gezin, een onbezorgde kindertijd. De film bood een kleurrijke wereld, met dans en zang. We hadden de LP met liedjes en het kleurboek, ook toen was er al merchandise.

Daarnaast kan ik een bruggetje leggen naar mijn beroepspraktijk. Elke kleuter heeft het recht op een onvergetelijke eerste bioscoopervaring met een keuze uit kwaliteitsfilms.

Binnen het genre van filmmusical is Mary Poppins een topper. Dat betoog moet ik nog nader uitwerken, maar wellicht is dat niet nodig.

Binnen het corpus van Disney-films is Mary Poppins een uitzonderlijk item. De productiegeschiedenis wordt gekenmerkt door ieders toewijding en een streng toezicht door de schrijfster van het boek. Het achtergrondverhaal over de auteur Pamela Travers en haar inbreng bij de totstandkoming van de verfilming van haar boek door Disney wordt uitgebeeld in de film Saving Mr. Banks (John Lee Hancock 2013). Het boek blijkt voor de schrijfster een methode om een jeugdtrauma te verwerken, waarbij haar vader de tragische hoofdpersoon is.

Zie verder:

  • Sibley, Brian (1999) ‘How are They Going to make That into a Musical?: P.L. Travers, Julie Andrews and Mary Poppins’, in: Ellen Dooling Draper & Jenny Koralek (eds.) A Lively Oracle: A Centennial Celebration of P.L. Travers, Creator of Mary Poppins. New York: Larson Publications, 1999.
  • Lawson, Valerie (2005) Mary Poppins, She Wrote: The Life of P.L. Travers.New York: Simon Schuster.
  • Cartmell, Deborah (2007) Adapting children’s literature’, in: Deborah Cartmell & Imelda Whelehan (eds.) The Cambridge Companion to Literature on Screen. Cambridge: Cambridge UP, pp.167-180.
  • Scumsky, Brian E. (2000) ‘All That is Solid Melts into the Air: The Winds of Change and Other Analogues of Colonialism in Disney’s Mary Poppins’. In: The Lion and the Unicorn, no 24 (2000) pp. 97-109.

Voor de basisfeiten over de film Mary Poppins, zie onder andere:

PS de overige bioscoopervaringen in mijn prille jaren vonden plaats in Delft, waar toen nog geen filmhuis was.

De sequel Mary Poppins Returns (2018)

De Amerikaanse saus is in deze vervolgfilm wat dikker aangebracht op de Britse setting. Hierdoor is het meer een persiflage geworden dan een viering van good-old Britain. De bejaarde buurman is een behoorlijk demente admiraal die helemaal in de verleden tijd leeft. De parkwachter is een vervelende zeurkous die elk grasveld als zijn domein beschouwd. London is meer multicultureel dan vroeger, maar dat komt eerder politiek-correct over dan oprecht gemeend.

Maar laat ik niet zeuren, want het is een onderhoudende film, waar genoeg bekende elementen terugkeren.

  • De vlieger is opnieuw een prominent verhaalgegeven, maar het uitbundige slotnummer is dit keer voorbehouden aan luchtballonnen. Het muzikale thema van de vliegers keert heel vluchtig even terug.
  • De krijttekening is vervangen door een porseleinen schaal. Dit geeft een grappige meerwaarde. Jammer is wel dat er een hele dierentuin aan Disney-dieren uit de hoge hoed wordt getoverd.
  • De pinguïns zijn overgevlogen uit de originele versie, maar vallen erg uit de toon in het uitbundige circus.
  • De schoorsteenvegers zijn vervangen door lantarenopstekers, maar ze dansen ook in de nacht. De 21e-eeuwse jeugdcultuur schemert door in hun fietsacrobatiek en hun straattaal en Spoken Word nummers.
  • Het gevoelige slaapliedje ontbreekt niet. Dit keer met meer emotie, want de moeder van het gezin is overleden en de kinderen missen haar.
  • Uncle Albert is vervangen door een excentrieke nicht van Mary Poppins. Bij mij werkt het niet om plotseling Meryl Streep te zien schmieren met een vet accent, maar dat hoeft voor iedereen te gelden.
  • De sprekende paraplu heeft meer tekst. Volkomen terecht want iemand moet toch af ten toe chagrijnig kunnen zijn zonder sorry te zeggen.

De moraal van het verhaal klinkt in mijn oren harder door dan bij de eerste versie. In elk liedje klinkt luid een levensles: wees jezelf, pretendeer niet iemand anders te zijn, beoordeel niemand op zijn uiterlijke verschijning.

Niet iedereen in een streepjespak is dus een slechterik, maar de bankdirecteur is dit keer wel een erg gemene boef. Zijn straf is mild: zijn ballon wil niet vliegen.

En of aan het eind echt alles goed gekomen is? Ik ben er niet gerust op. De klunzige vader van het gezin bijvoorbeeld is kunstenaar en bankbediende, dat kan toch niet goed gaan? Vermoedelijk moet Mary Poppins toch nog geregeld gaan terugkeren.