Weimar cinema: Kracauer versus Eisner


Siegfried Kracauer en Lotte Eisner zijn allebei werkzaam geweest als filmcritici ten tijde van de Weimarrepubliek. Na de oorlog probeerden ze ieder voor zich, op een verschillende manier, greep te krijgen op hun herinneringsbeelden en op de ontwikkelingen die ze hadden meegemaakt.
 
Eisner gebruikt bij haar terugblik op de Weimar cinema een kunsthistorisch perspectief: ze legt de nadruk op de inspiratie door de Duitse schilderkunst, de traditie van de Duitse Romantiek, het thema van het fantastische en het demonische in de films uit de Weimarperiode.
Zie ook haar memoires: Ich hatte einst ein schön es Vaterland (Heidelberg: Wunderhorn, 1984). En voor de volledigheid vermeld ik ook de pelgrimage van Werner Herzog, die zijn weerslag kreeg in zijn dagboek Sur le chemin des glaces, Paris: P.O.L./Hachette, 1989. Engelse vertaling: Of Walking In Ice, 2007.
 
Kracauer daarentegen ziet in de Weimarfilms vooral de filosofische traditie van Nietzsche doorschemeren, met de diverse hoogmoedige wetenschappers als prototype van de Übermensch. Daarnaast ziet Kracauer de Weimarfilms als een onbewuste aankondiging van het naderend onheil, met kwaadaardige misdadigers als prototypen van Hitler. De meeste Weimarfilms verheerlijken de autoritaire, hypnotiserende leider en tonen een willoze, makkelijk manipuleerbare massa.
 
Voor een kritische bespreking van Kracauer (1947) zie:
 
Siegfried Kracauer (1889-1966) schreef filmkritieken voor de Frankfurter Zeitung in de periode november 1924 tot augustus 1933. Zie verder:
· Kessler, M. & Th. Y. Levin (eds), Siegfried Kracauer. Neue Interpretationen. Tübingen, 1990.
· Kracauer, Siegfried, The Mass Ornament. Weimar Essays. Cambridge: Harvard UP, 1995 (red. & transl. Thomas Levin). Oorspronkelijk: Das Ornament der Massa. Essays. Frankfurt, 1977.
· K. Witte (ed), Siegfried Kracauer: Kino. Essays, Studien, Glossen zum Film. Frankfurt (Suhrkamp), 1974.
· Kracauer, Siegfried, Kleine Schriften zum Film, Inka Muelder-Bach (ed), Frankfurt: Suhrkamp, 2004
· Feindt, Hendrik Feindt, ‘Face à un deluge de films’, in: Cahiers du Cinema 594 (Octobre 2004) pp. 80-81.
· Schlüpmann, Heide, ‘Phenomenology of Film: On Siegfried Kracauer’s Writings of the 1920s’ in: New German Critique, vol. 14, no. 40 (1987).
· Levin, Thomas Y., ‘The English-Language Reception of Kracauer's Work: A Bibliography’, in: New German Critique, vol. no. 54, Special Issue on Siegfried Kracauer (Autumn, 1991), pp. 183-189.
· Brodersen, Momme, Siegfried Kracauer, Reinbek: Rowohlt, 2001.
 
Rudolf Arnheim (1904 – 2007) was filmcriticus van het satirische tijdschrift Das Stachelschwein (1925-1928) en van het weekblad Die Weltbühne (1928-1933). Zie verder:
 
Voor een bespreking van Duitse filmkritiek ten tijde van de Weimarrepubliek, zie verder:
· Diederichs, Helmut H. Anfänge Deutscher Filmkritik, Stuttgart: Robert Fischer / Uwe Wiedleroithen, 1986.
· Hake, Sabine, The Cinema’s Third Machine. Writings on Film in Germany 1907-1933. Lincoln: University of Nebraska Press, 1993.