klassieker: Rear Window (1954)


De eerste vier minuten
In het openingsbeeld worden drie rolgordijnen worden ritmisch opengehesen, het lijkt wel een theaterdoek dat opengaat, de voorstelling kan beginnen! De credits bevatten vele bekende namen van cast & crew. De score van Franz Waxman versterkt de sfeer van tintelende verwachting.
 
Wat zien we daarna? Welke tijd, plaats, causale verbanden? Wat weten we na circa vier minuten, welke verwachtingen kunnen we hiermee opbouwen?
 
Ten eerste de feiten van de setting van het verhaal: het is zomers warm, ten tweede: het is vroeg in de ochtend. Deze twee gegevens worden op vele manieren visueel duidelijk gemaakt. We zien het uitzicht op het binnenhof aan de achterkant van een appartementencomplex. De camera start bij de thermometer die bij het raam hangt, dan volgt een langzame rondblik langs de buren, mensen die slapen op de balkons, een man die zich scheert, in een steegje biedt uitzicht op een klein stukje straat  waar kinderen joelend achter de sproeiwagen aanlopen en de melkboer komt langs. We keren terug naar het raam, de camera schuift naar binnen, het beeld gaat vloeiend over in een close up van het hoofd van een liggende man, met zijn ogen dicht. Wellicht moeten we dit zien als een indicatie van een subjectieve blik?
 
Ten tweede volgt de introductie van de hoofdpersoon. De camera gaat verder, we zien zijn been in het gips, hij slaapt in een stoel. Langzaam zien we de rest van het interieur. Het is overduidelijk, geheel zonder woorden: de hoofdpersoon is een fotograaf, hij maakt zowel modefotografie als stoere reportages. De foto van een spectaculair ongeluk op een racecircuit verklaart hoe hij aan zijn gebroken been kwam. We weten zelfs zijn naam, want op het gips staat zijn naam geschreven: L.B. Jefferies.
 
De volgende drie minuten worden gevuld met eentelefoongesprek met zijn hoofdredacteur. Hierin komt alle informatie nog een keer langs, dit keer in woorden. Het is duidelijk dat de fotograaf een man van actie is, maar hij moet nog een hele week stil zitten, dan pas kan het gips eraf. Zijn enige afleiding is darom het zicht op zijn achterburen. De buren zijn een samenraapsel van eenzame mensen, mooie vrouwen, en zure echtparen. Het begint letterlijk bij hem te jeuken.
 
Psychologie: de achterburen verbeelden symbolisch wat in zijn hoofd omgaat (bindingsangst en lust zijn hierbij de botsende hoofdthema’s).
Ratio versus empirie: het uitzicht op zijn achterburen spoort hem aan tot het formuleren een ongeremde verbeelding van een spannend verhaal: hier is een moord gebeurt. Hij voelt zich een ooggetuige, die alles van nabij kan observeren met zijn telelens. Maar in feite heeft hij niets daadwerkelijk gezien, toch weet hij het steeds meer zeker. Het vertrouwen in logica wint het van zintuigelijke waarneming.
 
Wat is het centrale thema van Rear Window? Voyeurisme uiteraard, ongeremd gluren. Maar ook: het vertellen van verhalen, de onbeteugelde verbeelding. Deze twee elementen gecombineerd levert als rode draad op dat de film gaat over de grenzen tussen enerzijds gezonde aandacht en anderzijds zieke nieuwsgierigheid, het verschil tussen normale belangstelling tonen en fanatiek bemoeizuchtig zijn.
 
Literatuur over Rear Window (1954)
 
 
 
Analyse van de vertelstructuur van Rear Window: