Schramme (red.) 2013


Boekbespreking: Schramme (red.) 2013
 
Schramme, Annick (red.), Geld & cultuur: Cultureel ondernemerschap in financieel moeilijke tijden, Leuven: Lannoo Campus, 2013.

1. Cultuurmanagement in theorie en praktijk
De vakgroep Cultuurmanagement van de Universiteit Antwerpen is bijzonder actief te noemen.
Als onderdeel van hun masteropleiding Cultuurmanagement organiseren ze onder andere een jaarlijks colloquium rondom een actueel thema, waar meteen een publicatie aan verbonden is.
In 2012 was het thema 'Cultural Governance', waar ook een groot onderzoeksproject aan werd gewijd dat nog doorloopt. In de voorgaande jaren lag de focus van de jaarlijkse colloquia respectievelijk op 'Architectuurprojecten' (2011), 'Creativiteit & innovatie' (2010), 'Samenwerkingsverbanden & fusies' (2009) en 'Concurrentie & globalisering' (2008). 
De bijbehorende publicaties zijn een samenwerking tussen uitgeverij Lannoo Campus en het Bilsen Fonds voor Cultuurmanagement, verbonden aan de Universiteit Antwerpen. De publicatie en het colloquium worden tevens ondersteund door het Vlaams-Nederlands huis deBuren.
 
Het Bilsen Fonds voor Cultuurmanagement is vernoemd naar de grondlegger van de universitaire opleiding, professor Robert Bilsen. Elk jaar wordt de ‘Prijs voor een onuitgegeven scriptie’ uitgereikt, in 2013 werd de masterscriptie van Ingrid van Samang bekroond, waarin ze het begrip culturele duurzaamheid onderzoekt.
Daarnaast bestaat sinds 2012 in samenwerking met het Bilsen Fonds de ‘Prijs van de Vlaamse Gemeenschap voor Cultuurmanagement’. ‘Kunstencentrum Vooruit’ (Gent) was de eerste laureaat. In 2013 werd deze prijs voor de tweede keer uitgereikt, ditmaal aan het ‘Vlaams Audiovisueel Fonds’ (VAF).
Een fragment uit het juryrapport:
“De jury heeft veel lof voor de rol die het VAF speelt als onafhankelijke bruggenbouwer tussen de overheid en de audiovisuele sector. De Vlaamse film staat op de kaart. Films van hier doen het goed aan de box office. De waardering bij het brede publiek neemt exponentieel toe, zowel in binnen- als in buitenland. Recente voorbeelden zijn films als Allez Eddy van Gert Embrechts, The Broken Circle Breakdown van Felix Van Groeningen, Offline van Peter Monsaert en Michaël R. Roskams speelfilmdebuut Rundskop. Het VAF speelt een cruciale rol in de innovatie en de internationale opmars van de Vlaamse film. Het VAF, opvolger van het Fonds Film in Vlaanderen, werd in 2002 opgericht. Het financiert en begeleidt audiovisuele creaties, verleent beurzen, ondersteunt ateliers en opleidingsinitiatieven en voert studies uit over de audiovisuele sector. Daarnaast speelt het VAF een belangrijke rol bij de promotie van de Vlaamse audiovisuele creatiesector.”
Bron: http://www.fondsvoorcultuurmanagement.be
 
2. Noodzakelijke koerswijziging in cultureel ondernemerschap
Op het colloquium van 23 maart 2013 fungeerde hoogleraar Arjo Klamer als key note speaker. Hij hield een pleidooi voor een koerswijziging in cultureel ondernemerschap.
 
De kern van zijn betoog was de confrontatie tussen de algemeen menselijke behoefte aan de realisatie van vier soorten levendoelen met de vier invloedssferen waar de culturele sector zich tot mee dient te verhouden: het domein van de markt (market logic), de overheid (Governance), de sociale sfeer en de familiekring (Oikos).
De vier levensdoelen zijn als volgt te omschrijven:
  1. maatschappelijke doelen (gerechtigheid,  solidariteit, cohesie, beschaving, educatie),
  2. sociale doelen (verbindingen met geestverwanten, vrienden en familie versterken),
  3. transcendentale doelen (spiritueel, betekenisgevend, bezieling, loskomen van alles),
  4. persoonlijke doelen (doen waar je goed in ben, doen wat je leuk vind, plezier en vreugde beleven door bevestiging en toename van bekwaamheid en vakmanschap).
De kernvraag voor een culturele ondernemer is: wat wil je bereiken en wat is de beste manier om dit doel te behalen?
 
De cultuursector kan zich maar beter niet meer afhankelijk maken van subsidieverstrekking, want de overheid bezuinigd sterk op cultuur. Het momenteel populaire argument van de economische impact is niet erg handig, want mocht er inderdaad sprake zijn van een multiplier en van omzetverhoging bij horeca en toerisme, dan is dat mooi gescoord maar de vraag is: waar blijft dat geld, wat ziet de gemeenschap hiervan terug? Doorgaans is sprake van vooral private winst, terwijl het aandeel publieke winst minimaal blijkt.
De inmenging van het overheidsbestuur in de culturele sector is gebaseerd op het misverstand dat kunst een ‘publiek goed’ (‘merit good’) zou zijn. Kunst is echter niet als algemeen toegankelijk te beschouwen, alle idealen van drempelloze cultuurparticipatie ten spijt.
 
De logica van de markt biedt volgens Klamer doorgaans weinig perspectieven voor de cultuursector. De economische modellen van instrumenteel denken (marktwerking en marketingstrategie) blijken niet bruikbaar, want de klanten in de cultuursector zijn bijvoorbeeld nog steeds niet gewend voldoende te betalen voor wat waarde heeft en culuurproducenten zijn doorgaans niet gericht op winstmaximalisatie. Daarnaast is het onmogelijk om het volledige eigendomsrecht van kunst te kopen. Kunst is een sociaal goed, de afbakening van de aard en waarde van kunst is het resultaat van een gesprek.
 
Klamer stelt dat de cultuursector dient in te zetten op de sociale sfeer. Hier is sprake van giften en gunsten op basis van het gevoel van gemeenschappelijk belang, betrokkenheid, loyaliteit, groepsbinding en het principe van wederkerigheid. Er is sprake van dynamische netwerken van sympathisanten in wisselende samenstellingen, ook aan te duiden als ‘the civil society’. Iedereen kan een bijdrage leveren aan cultuur: door er over te praten, te schrijven, te filmen en/of door financieel te ondersteunen of concreet te participeren. Je moet als kunstenaar zo breed mogelijk in beeld komen als de beste mogelijkheid tot verwezenlijking van één of meerdere essentiële levensdoelen. Je bedelt ook niet om geld, maar je geeft iemand de kans een mooi gebaar te maken waar hij/zij een goed gevoel van krijgt, wat een warme herinnering oplevert en wat het startpunt kan vormen van een langdurige wederzijds profijtelijke relatie.
 
Nuchter ervaringsfeit blijft dat de familiekring als startpunt fungeert bij zowel cultuurproductie als cultuurwaardering. De medewerking en ondersteuning vanuit de huiselijke sfeer en de kring van directe verwanten en vrienden is onontbeerlijk.
 
Voor een concrete en praktische uitwerking van het door hem geschetste perspectief verwees Arjo Klamer naar de adviezen en suggesties die gebundeld staan in de publicatie ‘Pak Aan’ (2011), samen met een auteursteam van de Erasmus Universiteit in eigen beheer uitgegeven, met steun van acht sponsors. Zijn opvattingen verwerkt hij voorts in zijn nog te verschijnen boek: “Het Goede Doen: voor een waardevolle economie”. Zie verder http://www.klamer.nl
 
Onderzoeker Walter van Andel van de Antwerp Mangement School sloot bij het verhaal van Arjo Klamer aan met zijn uiteenzetting over de noodzaak tot groei bij ondernemers in de hypercompetitieve creatieve industrie. Groei is vooral een veranderproces en verloopt niet lineair. Het vergt het vermogen om duidelijke keuzes te maken in het veld van maatschappelijke trends (onder andere co-creatie, mass customization, long tail retail). Deze keuzes dienen met passie en visie consequent doorgevoerd te worden, maar dit wordt belemmerd door de geforceerde focus op overleven: de meeste bedrijven zitten constant in een ‘survival mode’.
 
3. Case studies
Galeriehouder Jo Coucke gaf in vogelvlucht een overzicht van de moeilijke positie die de Belgische galeriesector heeft als zelfstandige culturele ondernemers en bevestigde hiermee de constatering dat de logica van de markt slecht werkt in de cultuursector. Zijn conclusie luidde: “de situatie is ernstig maar niet hopeloos”. Deze constatering onderstreept de noodzaak en urgentie om tot een nieuwe strategiebepaling te komen.
 
Historica Eva Wuyts gaf een overzicht van de sector van de Vlaamse Erfgoedbibliotheken, de bewaarplaatsen van unieke collecties historische publicaties. De financiële situatie is rampzalig te noemen, in 2013 wordt daarom een collectieve fondsenwervingscampagne ‘Adopt a Book’ opgestart, naar buitenlands voorbeeld (onder andere Museum Meermanno).
 
Projectleider Roy Cremers gaf een toelichting op het recente ontstaan en de succesvolle werking van het Nederlandse crowdfunding platform voor kunstprojecten: www.voordekunst.nl. De harde cijfers: ruim driekwart van de aangemelde projecten kon in 2012 worden gerealiseerd dankzij circa 15.000 donateurs die ruim 1,5 miljoen bij elkaar legden. Zijn presentatie had als startpunt de retorische vraag “Crowdfunding, kweekvijver voor nieuw mecenaat?’. Het antwoord is wat hem betreft bevestigend.
 
Nicolaas Mansfield is sinds kort algemeen directeur van de Nationale Reisopera (standplaats Enschede), een gezelschap waarvan de formatie tot een kwart van de omvang gekrompen is en het budget met 60% verminderd. Hij hield een bevlogen speech over zijn idealen die hij ondanks deze beperking toch wil bereiken: “iedereen in Nederland heeft hetzelfde recht op toegang tot kwaliteitscultuur”.
 
In Brussel is ‘Wiels, Centrum voor Hedendaagse Kunst’ een voorbeeld van Good Practice van cultuurmanagement in tijden van recessie. Ze ontvangen subsidie, maar genereren ook veel eigen inkomsten uit zaalverhuur en een Business Club en Vriendenclub. Ze zijn aangesloten bij het internationaal kunstcircuit en genieten binnen deze kring groot aanzien, daarnaast nemen ze ook lokale initiatieven met sociaal-artistieke activiteiten voor de buurtbewoners en educatieve activiteiten voor kinderen. Zie verder: http://www.wiels.org/nl/.
 
Een ander voorbeeld van Good Practice levert Muziekhuis AB (Ancienne Belgique), eveneens in Brussel. Deze beroemde poptempel haalt 80% van de jaarbegroting uit eigen inkomsten, de agenda van de twee zalen is volledig gevuld en de gemiddelde zaalbezetting per concert is uitzonderlijk hoog. Groei lijkt dan alleen nog maar mogelijk door expansie. Ze onderzoeken met twee partners de opties van de exploitatie van het ‘Amerikaans theater’, het Paviljoen van de Expo58 dat tot vorig jaar in gebruik was als studio van de VRT. Daarnaast hebben ze ‘AB-tv’ opgestart: live streaming registraties van concerten, die sinds kort ook beschikbaar zijn via YouTube.
 
Alle presentaties van het colloquium waren dezelfde dag nog na te lezen in de tekstbundel “Geld en Cultuur: cultureel ondernemerschap in financieel moeilijke tijden”. Dit is een sterk staaltje van het op meesterlijke wijze scheppen van de juiste randvoorwaarden. Wie niet aanwezig kon zijn op 25 maart 2013 kan deze bundel bestellen via de boekwinkel.
 
Peter Bosma
maart 2013
circa 1.500 woorden