EYE: Fiaker nr. 13 (1928)


Het verhaal: een jonge vrouw van 18 jaar staat tussen twee vaders en twee geliefden. 


Haar pleegvader is een joviale en hartelijke koetsier. In de proloog die zich in 1907 afspeelt zien we hoe haar als baby adopteerde toen hij haar vond in zijn rijtuig, ter vondeling gelegd door een wanhopige vroedvrouw die de barende moeder zag sterven in het kraambed. Liefdevol verzorgt hij haar, als alleenstaande vader, bijgestaan door de vriendelijke buren aan de overkant van de binnenplaats.

Het hoofdverhaal speelt zich af in 1925. De koetsier heeft het moeilijk door de concurrentie van gemotoriseerde taxi’s, het stedelijk leven is moderner en jachtiger geworden. Het meisje is een mooie jonge vrouw geworden, De buren hebben een muzikale zoon, Lucien, hij speelt viool en oefent de foxtrot op saxofoon. De jongeman is natuurlijk verliefd op zijn buurmeisje Lilian. Zij valt echter voor de charmes van een bedrieger. Wij weten dat hij een lichtzinnige flierefluiter is, een handschriften-vervalser en een gokker. Hij blijkt zelfs een internationaal beruchte crimineel te zijn. Aan de andere kant is hij ook een charmante charmeur, een man van de wereld, een nuchtere en vrolijke opportunist. De timide buurjongen heeft aanvankelijk weinig kans tegen hem. Op een feest komt hun rivaliteit tot uiting in een champage contest, en dan blijkt het verschil in uiterlijke schwung en allure. Toch blijkt Lucien meer mans te zijn dan op het eerste oog lijkt en hij verdedigt op een gegeven moment zijn dame met verve.

De biologische vader van Lilian is een rotzak, die een zwangere vrouw aan haar lot overliet. Hij heeft fortuin gemaakt als plantage-eigenaar in Brazilië en keert nu rijk en eenzaam terug naar Parijs. Hij doorziet de bedrieger meteen en neemt zijn maatregelen, zodat de film met een happy end afgesloten kan worden
 
Art director Paul Leni lijkt veel invloed te hebben gehad: de visuele stijl wordt gekenmerkt door prachtige contrastrijke schaduwen, zowel in de stadsbeelden op locatie in de straten van Parijs als in de interieurs. De film telt vele mooi uitgelichte glamour close-ups.
 
In een advertentie in Het Vaderland (12 juli 1928) werd actrice Lily Damita aangeprezen als “het bekoorlijke schildersmodel van den bekenden Hollandschen schilder Kees van Dongen”.
 
De film werd in Nederland uitgebracht door Hapfilm, de distributiefirma van Loet van Barnstein, die vernoemd was naar de drie bioscopen die in zijn bezit waren: de Haagse bioscoop, Alhambra (Arnhem) en Palace (Groningen).
 
Michael Curtiz maakte na Fiaker 13 nog 1 film in Europa voordat hij naar Hollywood vertrok: Der Goldene Schmetterling (1926).
 
Fiaker nr 13
(Fiacre no 13, de geschiedenis van een vondelinge)
Oostenrijk, 1926, 116 min, Nederlandse tussentitels, zw/w.
Regie: Michael Curtiz (Mihaly Kertész). Art-dirctor: Paul Leni. Met: Lili Damita (Lilian), Paul Biensfeldt (Carotin), Jack Trevor (Francois Tapin), Walter Rilla (Lucien Rebout), Carl Ebert (Henri Laridon).
 
Gezien op 9 april 2010, Film Biennale Eye Film Instituut Nederland.
Muzikale begeleiding door Joachim Baerenz (piano) en Pien Straesser (zang)
 
Literatuur: