EYE - De Rijn van Lobith tot zee (1922)


Gastauteur: Karel Dibbets

‘Landschap tussen hemel en hel’
 
“Pas tijdens de Eerste Wereldoorlog werd Nederland ontdekt als een interessant onderwerp voor een film. Voor die tijd had men maar weinig belangstelling voor het eigen land. De invoer van films uit het buitenland kwam in de oorlog bijna helemaal stil te liggen. Er ontstond ruimte voor producties van eigen bodem, niet alleen speelfilms, maar ook documentaires. Allerlei vaderlandse thema's kwamen in beeld: behalve steden, industrie, havens en scheepvaart ook het platteland, veeteelt, mooie natuurgebieden. Deze nieuwe trend kun je het ontwaken van een Nederlandse documentaire 'school' noemen.

Van al deze nieuwe films is DE RIJN VAN LOBITH TOT AAN ZEE van I.A. Ochse (Polygoon) uit 1922 veruit de belangrijkste productie die toen gemaakt is. DE RIJN geeft een samenvatting van wat er in de voorafgaande twintig jaar artistiek tot ontwikkeling is gekomen, en tegelijk is het een film die de weg vooruit zal wijzen, richting avant-gardefilm. Het is ook de minst bekende, de moeilijkste en geheimzinnigste film die er in ons land gemaakt is. Hier maakt de artistieke ontwikkeling een grote sprong voorwaarts, vele jaren voordat de avant-garde in Nederland zijn eerste kunstfilms zal presenteren. DE RIJN is niet alleen een synthese en een staalkaart van alle filmische verworvenheden tot op dat moment (en laten we eerlijk zijn, dat was niet zo veel), maar hij voegt ook iets nieuws toe dat ver uitsteekt boven de prettige observaties en schalkse schoonheid die we tot dan toe konden zien in een film. Ik heb het niet over het toepassen van een paar fraaie effecten, maar over de invoering van nieuwe regels, nieuwe procédés voor het maken van films.
Alle visuele vondsten die later school zouden maken en geclaimd werden door de avant-gardefilm en de Filmliga, zitten al in deze film uit 1922. Bovendien bevat DE RIJN een paar trouvailles die de avant-garde heeft laten liggen en die men pas zestig jaar later als iets nieuws zou ontdekken.

DE RIJN duurt bijna een uur en heeft een onwaarschijnlijk simpele opzet: je vaart op een schip de Rijn af vanaf Lobith tot aan zee, zoals de titel zegt. Je reist door een landschap en je kijkt om je heen. Het is een aardrijkskundeles in de vorm van een road movie. Het eerste wat hieraan opvalt is het favoriete standpunt dat de filmmaker kiest om naar het land te kijken: vanaf het water. Nederland vanaf het water gezien is het centrale thema van de film. Het is niet de eerste keer dat er een filmopname vanaf een boot tot stand komt (zie het panoramashot in DE MOLENS AAN DE ZAAN, 1899), maar wel de eerste keer dat het concept van een hele film hierop gebaseerd wordt. We zullen het later nog tientallen keren terugzien. Dit nieuwe perspectief vanaf het water heeft minstens vier voordelen.
Ten eerste vaart de camera op de boot mee en het landschap glijdt aan ons voorbij. Sterker nog, het landschap lijkt zelf in beweging te komen en aan ons voorbij te draaien alsof wij stilstaan; we noemen dat 'geïnduceerde beweging'. DE RIJN maakt gebruik van deze illusie.
Ten tweede zijn we passagiers geworden, geen observerende buitenstaanders, maar meevarende en meebewegende reizigers.
Ten derde wordt de beweging van het water hier als een apart motief ontdekt en aan een nadere bewerking onderworpen: de golfslag, de stroming, de spiegeling en glinstering van het wateroppervlak. Haanstra's SPIEGEL VAN HOLLAND (1950) vormt de apotheose van deze ontwikkelingslijn.
Tenslotte voegt Ochse nog een vierde element toe aan deze stijl: tijd. Zijn panorama's en vlietende verten zijn niet alleen virtuoos, maar ook tergend langzaam. In een immense rust glijdt het landschap voorbij. Tijdsduur wordt als stijlkenmerk toegevoegd, niet alleen om alles goed in je op te nemen, maar ook om de schoonheid tot je te laten doordringen. De contemplatieve blik van de Haagse School zit in deze stijl ingebouwd.”

URL: http://www.kb.nl/coop/geheugen/filmmuseum_pdf/Dibbets-Landschap.pdf
Zie ook: http://kd.home.xs4all.nl/KDpublicaties.html.
 
Basisdocumentatie
 
Boeken
 
De Rijn van Lobith tot zee is incidenteel in de filmtheaters vertoond, onder andere in de jaren negentig in LantarenVenster, in het kader van de Wereldhavendagen. Begeleid door Yvo Verschoor (piano). Hij heeft fragmenten uit de film ook opgenomen in zijn compilatieprogramma ‘Stille schepen’, zie verder www.yvoverschoor.nl.
 
De camera is aan boord van een schip dat langzaam de Rijn afzakt. De laatste twintig minuten spelen zich af in het Rotterdamse havengebied. De regionale herkenning begint bij het Kralingse Veer, al zag het daar in 1922 natuurlijk totaal anders uit.
 
Bij de Wereldhavendagen van 2011 vertoonde we in een doorlopende voorstelling de promotiefilm Rotterdam, de stad die nooit rust, gemaakt door Andor von Barsy (1928). Zie onder andere http://www.lantarenvenster.nl/36-2140-De_stad_die_nooit_rust.
 
Jord den Hollander heeft in 2007 een remake gemaakt van deze film, die in première ging op het Architectuur Film Festival Rotterdam. Zie verder: http://www.archined.nl/nieuws/de-rijn-van-lobith-naar-zee/.

Het Nederlands Film Festival presenteert vanaf 1996 zwijgende films waarbij de muziek wordt gecomponeerd en uitgevoerd door studenten van de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht (HKU), faculteit Kunst, Media & Techniek. Dit gebeurt onder leiding van docent Rens Machielse, waarbij Marc van Vugt, Ferdinand Boland en anderen als adviseurs optraden. De uitvoering door het studentenorkest staat steeds onder leiding van Alex Geurink.
In 2009 stond ‘De filmreizen van I.A.%u2028Ochse’ op het programma. I.A. Ochse (1894 - 1967) was in de %u2028jaren twintig een van de belangrijkste filmers van filmfabriek%u2028Polygoon. Uit zijn omvangrijke oeuvre werden twee fragmenten getoond: het eerste deel uit zijn educatieve reisfilm MAHAHOELIA %u2028(het Alluisterrijke, 1929), over een boottocht over onder meer de%u2028Barito-rivier naar de binnenlanden van Borneo, gevolgd door  het slotdeel van de zeven jaar eerder gemaakte educatieve film DE RIJN VAN LOBITH TOT AAN ZEE (1922), waarin%u2028een tocht over de Rijn en de Lek gemaakt wordt, met als eindpunt de haven van Rotterdam.