Limite (1931)


De actualiteit van de zwijgende film. Een blogtekst van Peter Bosma
Limite (Mário Peixoto, 1931)

Gezien op 21-10-1995, Concertgebouw De Doelen (Rotterdam) IFFR 2008.

De eerste Nederlandse voorstelling vond plaats tijdens het eerste Festival Latino Americano de Cine y Literatura in 1995 georganiseerd door Lantaren/Venster (Leo Hannewijk) op 21 oktober 1995 in Concertgebouw De Doelen (Rotterdam), begeleidt door het Escher Ensemble (zes strijkers en zes saxofonisten), met een score gecomponeerd door de jong gestorven pianist/componist Frank Mol. De voorstelling werd ingeleid door de Braziliaanse regisseur Nelson Pereira dos Santos, van wie toen een retrospectief werd vertoond.
 
Aan het begin van de voorstelling vertelde Nelson Pereiro dos Santos iets over de invloed die de film op zijn generatie filmmakers gehad heeft. In Brazilië is de film na enkele vertoningen uit roulatie genomen en er waren ook geen copieën meer van beschikbaar. Dos Santos en veel van zijn generatiegenoten hadden de film nooit gezien, maar er wel veel over gehoord, waardoor de film tot een soort mythe uitgroeide.” (recensie in het RD, 23 -10-2005?).
Componist Frank Mol zei over zijn compositie: “Ik maak zeer wisselende sfeerbeelden. Ik schaam me nergens voor. Bij romantische beelden doe ik iets vreselijks ordinairs. Maar ergens anders weer schrijnende dissonanten, lekker wringende, dreigende tonen ook. Ook een klein beetje Zuidamerikaanse saus er in, de camera speelte tenslotte met de sensualiteit. Bij beelden van voorbijstappende vrouwenbenen horen bijvoorbeeld handklopjes op de klankkast van de cello”. (interview in RD 12-10-1995)
 
Recensie van de voorstelling van Limite, tijdens het eerste Festival Latino Americano de Cine y Literatura in 1995 in Lantaren/Venster, begeleid door het Escher Ensemble met een score gecomponeerd door Frank Mol:
 
“Afgelopen zaterdag werd 'de beste film ooit in Latijns Amerika gemaakt' in de Doelen vertoond. Aan het begin van de voorstelling vertelde Nelson Pereiro dos Santos iets over de invloed die de film op zijn generatie filmmakers gehad heeft. In Brazilië is de film na enkele vertoningen uit roulatie genomen en er waren ook geen copieën meer van beschikbaar. Dos Santos en veel van zijn generatiegenoten hadden de film nooit gezien, maar er wel veel over gehoord, waardoor de film tot een soort mythe uitgroeide. 'Wie zei dat niemand die film zou kunnen evenaren, had gelijk.'
 
Limite wordt wel op een lijn gezet met een film als Citizen Kane. Hoewel totaal verschillend van Limite, is dat wel begrijpelijk. Uit beide films spreekt een enorme experimenteerlust, een drang om de mogelijkheden van het medium te ontdekken. Welles leefde zich uit in allerlei optische trucjes, Peixoto speelt vooral met camerastandpunten en kadrering. Het verhaal van Limite is snel verteld. Drie mensen, schipbreukelingen waarschijnlijk, drijven rond in een bootje op zee. Beelden van het drietal worden afgewisseld met hun herinneringen, vaak fragmentarisch en associatief. Als het besef van gevangenschap groeit, worden de beelden onheilspellender, dreigender. Donkere wolken, voetsporen in het zand die weggespoeld worden en kale takken die zwart tegen de hemel afsteken.
De drie zijn gevangenen van de hen omringende zee, maar de cameravoering daarentegen is onbegrensd; in mogelijkheden en in bereik. Hij bekijkt zijn objecten van alle kanten, zoomt erop in, snelt langs struikgewassen en langs de schuimende koppen van de branding. Naast deze beweeglijke cameravoering zijn de beelden ook vaak statisch en is de lens gericht op bewegende voorwerpen. Het ronddraaiende wiel van een locomotief bijvoorbeeld dat bijna onmerkbaar overgaat in een opname van een ronddraaiend naaimachinewiel, of beelden van velden met wuivend gras. Mensen worden vaak vanuit een extreem laag standpunt gefilmd, of juist vanuit vogelvluchtperspectief. Delen van het menselijk lichaam worden zodanig gekadreerd dat het objecten worden, losgesneden van het geheel.
Het gevoel van de grensoverschrijdende camera wordt gevoed met beelden van de hemel, de zee, de natuur. De hoogte in draaiend, de verte zoekend, de horizon aftastend. Daar waar de cameravoering niet louter 'spielerei' is maar samenhangt met het thema van de film, is Limite het mooist.
De muziek van het Escher ensemble was een prettige verrassing na het eeuwige pianospel dat de stomme film gewoonlijk begeleidt. De sonore klanken van strijkers en saxen verhevigden de sfeer van de film.”


De restauratie
De opnamen voor LIMITE werden gemaakt aan de zuidkust van Rio de Janeiro, de première was op 17 mei 1931.
In 1959 werd gesignaleerd dat de nitraatkopie in slechte toestand was, de film werd gerestaureerd door Plinio Sussekind Rocha en Saulo Pereira de Mello. Het resultaat kon pas in 1978 gepresenteerd worden. De wereldwijde doorbraak volgde met de restauratie van de Cinemateca Brasileira, in samenwerking met de World Cinema Foundation (WCF). Deze versie werd vertoond op Cannes Classics 2007.
De presentatie van de nieuwe conservering werd herhaald op ondere andere het Edinburgh International Film Festival (augustus 2007) en het IFFR 2008 (op dvd, in het bijprogramma ‘Pièce Unique’, samengesteld door Edwin Carelse). Met muziek van Satie, Debussy, Borodin, Stravinsky, Prokofiev en Cesar Franck.

In 2001 maakte regisseur Sergio Machado een documentaire over Mário Peixoto, ONDE A TERRA ACABA (At the edge of the earth), vertoond op het IFFR 2002.
 
Limite (The Boundary)
Brazilië, 1931, 120 minuten, zwart/wit.
Regie: Mario Peixoto. Productie: Mario Peixoto. Scenario: Mario Peixoto. Camera: Edgar Brazil (pseudoniem voor Edgar Hauschild). Montage: Mario Peixoto. Muziekkeuze: Brutus Pedreira (o.a. Eric Satie, Debussy, Borodin, Stravinsky, Prokofiev and Cesar Franck). Regie-assistent: Rui Costa.
Met: Olga Breno (Woman number 1); Taciana Rei (Woman number 2); Carmen Santos (The Whore); Mario Peixoto (The Man at the cemetery); Brutus Pedreira (Man number 2 and the pianist); Edgar Brazil (The Man asleep at the cinema); Faciana Rei; Raul Schnoor.
 
Literatuur (Engelstalig)
 
“ On May 17, 1931, the first public screening of Limite, directed by the 19 year old novice Mario Peixoto, took place in a cinema in downtown Rio de Janeiro. It is said that commotion and controversy broke out at the end of the screening. Despite the immediate enthusiasm of some intellectuals, the film failed to work any magic on the public or distributors. After a few more screenings, Limite was withdrawn, and remained, for the next 50 years, in the dark, surrounded by mystery and controversy. It is, without a doubt, the most legendary of all Brazilian films.
During these 50 years, everything has been said about Limite— even that it was never made. The career of its creator only added to the mystique. Mario Peixoto, who wrote, produced, directed, and acted in (he is the man in the cemetery) the film died in 1992, leaving two unfinished films dating from the 1930s (Onde a Terra Acaba and Maré Baixa), an autobiographical novel, poetry, and an unfilmed screenplay, A Alma Segundo Salustre. He spent the greater part of his life in isolation on an island off the coast of Rio de Janeiro, near to some of the Limite locations, surrounded by his art collection.
In 1978, 20 years of restoration work by the physicist and intellectual Plínio Sussekind Rocha and Sãulo Pereira de Mello put Limite back on the screen, at its original speed of 16 frames per second. The difficulties of making the film in the first place were known; its re-emergence showed that it had lasted through the laborious reconstruction process and that it continued to exercise its magic, despite an absence of 50 years. Three hundred critics and film specialists, consulted in 1989, rated Limite the most important Brazilian film.
Inspiration for Limite—the chained woman on the cover of the magazine Vu—came to Mario Peixoto, then a student in Paris, in 1928. To tell the story of Limite, however, is to over-simplify its aesthetic range, to denigrate its daring narrative and the impact of its form. The psychological depth of its characters is lost in description; its mystery becomes banal. Limite stands apart from everything else that was happening at that time in the embryonic Brazilian film industry for its audacity in a context that permitted no experimentation. Through flash-backs, it tells the story of three characters, a man and two women, who are adrift at sea. The film's free narrative style can be traced to the European fashion avant-garde of the 1920s, its editing to influences of the Soviet school. Its setting, however, is genuinely Brazilian, with its seascapes, luxuriant vegetation, and typical scenes of doors and window frames in poor villages.
The restorer of the film, Sãulo Pereira de Mello, defines the film: "Limite is a cosmic tragedy, a cry of anguish, a piercing meditation on human limitations, a painful and icy acknowledgment of human defeat. It is a tragic film, a glacial tragedy."
More than a mere vehicle for one or three stories, Limite expresses defeat and desolation, and the impotence of the three characters, adrift forever, at outs with the forces of nature. This defeat is shown through the careful editing, paced and rhythmical, replete with dissolving images (such as the wheel of a train which becomes the wheel of a sewing machine) or the alternating close-ups which reshape parts of the body (feet, eyes, neck, mouths, hair) and inanimate objects (the magnificent sequence of the sewing accessories—buttons, cotton reels, scissors). Another example of skillful editing which produces a highly impactful scene takes place in a cinema, during a Chaplin screening. Mario Peixoto rapidly alternates clips from the film with shots of the cackling mouths of the audience, producing a sequence of high drama.
Virtually minimalist portrayals express human despair, not through broad gestures or exalted utterings, but through inert bodies, blank and forlorn stares. Dating from the transition from silent to spoken films, Limite has but three titles, and imparts an eloquent silence, punctuated only by a superb sound-track, organized by Brutus Pedreira (who also acts in the film), including compositions by Eric Satie, Debussy, and Stravinsky, among others.
Mario Peixoto's castaways exhaust the limits of their strength and their hope; they live an impotent challenge to the forces of nature, perhaps the principal element in the film. The timing of the scenes, the imaginative framings and the rhythm and tension of the editing are impressive; the beauty of the images is registered by notable photographer Edgar Brasil. His camera, unlike his characters, enjoys total freedom, either to remain motionless or to spin 360 crazy degrees to capture the final storm.
A young man's only film, in no manner does Limite appear to be the work of a novice. At every level the high standards and confidence of a director who had fully honed the tools of his trade are evident, as are his existentialist convictions. Today, Limite, available in video and shown at several international festivals, is exposed to fresh scrutiny which renews its impact and mystery. But the riddle of its creator, perhaps an unwitting victim of having reached his creative limits with his first film, persists; Mario Peixoto spent the next 60 years of his life as a voluntary castaway from his time, reliving the isolation of the characters of his first and only film”.
Susana Schild www.filmreference.com
 
Context: het werk van de Braziliaanse regisseur Humberto Mauro (1897 – 1983),
met o.a. de zwijgende films Braza dormida (1928); Sangue mineiro (1929); Thesouro Perdido (1927).
Zie: www.gildasattic.com/mauro.html.