Found Footage, een terreinverkenning


Het domein van ‘found footage’ is een verzamelterm voor zeer verschillende artistieke opvattingen over het hergebruik van oud filmmateriaal.  


Peter Bosma, april 2013
foto: Collectie EYE Film Instituut Nederland.

Filmmakers kunnen kiezen uit een groot assortiment van bestaand audiovisueel materiaal, dat beschikbaar is in filmarchieven of afkomstig kan zijn van privé-collecties verborgen op zolders, kelders of rommelmarkten.
De filmgeschiedschrijving onderzoekt steeds meer de randgebieden van het filmerfgoed, zoals het materiaal uit de periode van de vroege cinema (1895-1920) , maar ook amateurfilms van alle tijden, of educatieve films, opdrachtfilms en onderdelen van het voorprogramma zoals bioscoopreclames, bioscoopjournaals en trailers. Ook in de praktijk van de filmproductie is een toenemende aandacht zichtbaar voor dit soort filmerfgoed, dat op uiteenlopende wijze bewerkt wordt. Het resultaat is een toenemend aantal voorbeelden van het ‘re-contextualiseren’ van historische beelden en geluiden in de vorm van een nieuw kunstwerk.
 
Found Footage is te vergelijken met soortgelijke benaderingen in andere kunstdisciplines zoals in de muzieksector (‘sampling’, ‘remixing’), of in het domein van graphic design (‘collage’, ‘clip art’, ‘mash up’), beeldende kunst (‘objet trouvé’, ‘found art’), fotografie (‘vernacular photography’) en letterkunde. Een ander trefwoord dat vaak wordt gebruikt bij reflectie op het hergebruik van beelden in kunstwerken is ‘appropriation’ (toe-eigening).
 
Found footage films zijn te beschouwen als een manier van programmeren: een eigenzinnige rangschikking en bewerking van het filmerfgoed. De filmmaker van found footage films en installaties zouden we kunnen aanduiden als “poet curator”. Bij found footage creëert de filmkunstenaar iets nieuws door het recyclen van beschikbare beelden en geluiden. De kunstzinnige verbeelding is geworteld in de bewerking van het bronmateriaal. Dit in tegenstelling tot de compilatiefilm, die slechts een montage van filmfragmenten biedt. Found footage biedt impliciet of expliciet een reflectie op het maken van een film, op de aanwezigheid van de camera, de manipulatiemogelijkheden van de montage, de expressie van de acteurs, of de vergankelijkheid van het filmmateriaal zelf. Daarnaast biedt found footage een verbinding tussen een historische filmcultuur en de actuele filmbeleving, het biedt een reflectie op het wezenskenmerk van cinema.
 
Vaak is een autobiografisch element te onderscheiden bij een found footage film, want de oorsprong hiervan ligt meestal in een persoonlijke fascinatie. Een deel van de found footage films kunnen we ook beschouwen in het perspectief van een herbeleving van de historische fascinatie voor beelden van verre oorden.
 
De films met found footage verwerken en herwerken historische filmbeelden. De oude beelden worden afgestoft en geven een nieuwe impuls aan het collectieve culturele geheugen. Found footage past bij de toenemende nostalgie naar vroegere tijden. Filmbeelden kunnen dienen als stimulans van het verlangen naar de vreugde van een herkenbaar straatbeeld of landschap, of het aanwakkeren van de melancholie bij het aanschouwen van een verloren gegaan tijdsbeeld.
 
Respect kent vele gezichten. De gradaties van hommages: parodie, persiflage, pastiche
Found Footage is bijna onvermijdelijk een eerbetoon aan vroegere voorbeelden. Op het vlak van ‘navolging van voorbeelden’ zijn een aantal andere etiketten in gebruik, zoals ‘parodie’ of ‘persiflage’ (grappige imitatie of uitvergroting) en ‘pastiche’ (bestaat vrijwel geheel uit geleende fragmenten, het woord is ontleend aan een Italiaanse term uit de muziekwetenschap: pasticci. Zie verder Dyer, 2006.
 
Persiflage, parodie en pastiche zijn ook wel te beschouwen als een soort van ‘fake fiction’, verwant aan het genre van de ‘fake documentary’ (letterlijk: de bedrieglijke documentaire), ook wel genoemd de’Mockumentary’ (letterlijk: de spottende documentaire). Dit genre is te vergelijken met het verschijnsel ‘mystificatie’ in de letterkunde en het verschijnsel ‘Trompe de l’oeil’ (letterlijk: oogbedrog) uit de schilderkunst.
 
Het gemeenschappelijke kenmerk van deze subsoorten is dat het gaat het om een bedrieglijk echte nabootsing. ‘Fake’ kan als teken van ironie (een al dan niet bewijsbare intentie van dubbelzinnigheid) opgevat worden. Bij een ‘fake documentary’ pleegt de filmmaker bedrog. De artistiek verantwoording kan bestaan uit de wil tot het ondergraven van conventies (de verandering van spelregels van het filmkijken, het negeren van stilzwijgend overeengekomen afspraken) of uit de wil tot het vermaken van zichzelf en de toeschouwers met een goede één-aprilgrap.
Er bestaat overigens een duidelijke ethische grens hierbij: de criminele intentie bestaat uit de wil tot winst maken, men produceert een vervalsing met het oog op profijt. Dit is geen “fake” meer, maar “forgery”.
Fake Footage kan ook als symptoom gezien worden voor het vervagen of verglijden van de grenzen tussen feit en fictie in het algemeen of als symptoom voor een manier van kijken. De toeschouwer kan een positie kiezen als de ‘goede verstaander’ die de intentie op de juiste manier taxeert, een goede inschatting maakt van de grens tussen een grap en een leugen, een serieuze bewering of ironie. En ook: een goede inschatting maakt van de betrouwbaarheid van de beelden:
 
Documentatie rondom found footage:
 
1. Leestips voor een verkenning van het verschijnsel van found footage in het algemeen:

De Franse historicus Pierre Nora lanceerde de term ‘lieux de memoire’, ofwel herinneringsplekken (in het Engels te vertalen als ‘Realms of Memory’), waarbij hij vooral tastbare gebouwen in gedachten had.
Het digitale themakanaal /GeschiedenisTV van de Nederlandse publieke omroep (Vpro) maakte de website ‘Plaatsen van herinnering’, die opgezet is als een interactieve geschiedeniskaart van Nederland, met verhalen en beelden rondom diverse ‘land marks’. Zie: www.plaatsvanherinnering.nl, geactiveerd in juni 2007.
 
Internet tips rondom found footage:
 
2. Enkele voorbeelden van found footage
Ontleend uit de distributiecatalogus van het Filmmuseum, of gesignaleerd op het filmfestival Rotterdam.
Overige Good Practice van programmering van found footage films: “Ghosting the Images”, een breed historisch overzicht en actueel panorama, samengesteld door Maria Palacios Crus en Stoffel Debuysere, als onderdeel van het “Cortisane Festival. Film, video en mediakunst”, april 2008 in Gent (URL: www.cortisane.be). Het webdossier bevat het programmaoverzicht van de bioscoopzalen in 2008 plus links naar artikelen en naar bestanden op You Tube en Ubu Web. De stichting ‘OFFoff art cinema’ in Gent vertoont regelmatig compilaties van found footage (zie www.offoff.be).
 
2.1 Peter Delpeut
De Nederlandse filmmaker Peter Delpeut bracht zijn bewondering voor de vroege (Italiaanse) cinema tot uitdrukking brengen in o.a. LYRISCH NITRAAT (1991, 50 min) en DIVA DOLOROSA (1999, 73 min): een lofzang op de wereld van het onversneden melodrama en op een effectieve manier van verhalen vertellen. Delpeut geeft een hommage aan het vakmanschap van de regisseurs en de acteurs en aan de oorspronkelijke context van de eerste filmvertoningen. Zie ook zijn televisieserie en boekuitgave van CINEMA PERDU (1995/1997).
Zie ook:
 
De serie ‘Bits and Pieces’
 
De beelden van het voormalig Nederlands Indië vormen een rijke bron.
Documentatie:
 
De compilatie Exotic Europe, Journeys into Early Cinema (Mark-Paul Meyer/ Connie Betz, 2000) doet de fascinatie voor de allure van vroege filmbeelden van exotische oorden herleven. De dvd bevat 15 films uit de periode 1905-1921 en drie korte beeldessays met compilaties van fragmenten uit totaal circa 40 films: ‘poseren’, ‘arbeid’ en ‘reizen’. Compositie: Jogi Nestel. Het is het resultaat van een samenwerking tussen het Nederlands Filmmuseum (Amsterdam), het Cinema Museum (Londen), het Bundesarchiv-Filmarchiv (Berlijn/Koblenz) en de Fachhochschule für Technik und Wirtschaft (Berlijn), ondersteund door het Raphael-programma van de Europese Unie). De dvd is verschenen met een drietalige brochure en ging in 2000 vergezeld van een tentoonstelling in het Museum Europäischer Kulturen Berlin.
 
Karel Doing maakte in 2010 de korte film Liquidator (2010, 10 min), op basis van het overgeleverde materiaal van Haarlem (Willy Mullens, ca 1922, 8 min).
 
2.2 Péter Forgács
De Hongaarse filmkunstenaar (‘filmarcheoloog’) Péter Forgács hergebruikt filmbeelden van amateurfilmers, hij transformeert historische home movies tot betoverende beelden.
 
2.3 Artavazd Pelesjan
De Armeense filmmaker Artavazd Pelesjan maakte in 1990 een nieuwe versie van zijn found footage film MER DAR (Onze Eeuw, 1982/1990), een half uur van overdonderende beelden. Zie ook de hommage aan hem: IL SILENZIO DI PELESJAN (Pietro Marcello, 2011).
 
2.4 Yervant Gianikian & Angela Ricci Lucchi
Het Italiaans/Armeens echtpaar Yervant Gianikian & Angela Ricci Lucchi begonnen hun omvangrijk oeuvre met een droomreis, samengesteld uit beelden van de vroege cinema (‘travelogues’): DAL POLO AL L’EQUATORE (Van Pool tot Evenaar, 1986, samengesteld uit filmfragmenten van de Italiaanse pionier Luca Comerio).
 
2.5 Gustav Deutsch
De Duitse filmmaker Gustav Deutsch (1952) gebruikt archiefmateriaal op een meer droge manier, hij maakte een inventarisatie van beeldrijmen in zijn 13-delig project FILM IST. Hij maakte ook WELT SPIEGEL KINO (2005, 90 min).
 
2.6 Matthias Müller
De Duitse filmmaker Matthias Müller heeft een eigengereid oeuvre opgebouwd, met onder andere HOME STORIES (1990), een compilatie van fragmenten uit Hollywood- melodrama’s uit de jaren vijftig, waarin vrouwen worden opgeschrikt door de aanwezigheid van een onbekend iets of iemand in hun woning. Een choreografie van angstige gezichten van o.a. Shelley Winters, Kim Novak, Audrey Hepburn, Grace Kelly, Tippi Hedren.
 
2.7 Johan Grimonprez
De Vlaamse filmmaker Johan Grimonprez maakte met DOUBLE TAKE (2009) een gelaagde hommage aan Alfred Hitchcock.
 
Vergelijk dit met het video-essay VERTIGO VARIATIONS (B.Kite & A. Points-Zolla, 2011), zie:http://mubi.com/notebook/posts/the-complete-vertigo-variations en http://www.movingimagesource.us/articles/vertigo-variations-pt-1-20110921.
 
Martin Scorsese maakte in 2007 een pastiche op films van Hitchcock, in de vorm van een reclamefilm voor een Spaans champagnemerk. Zie: www.scorsesefilmfreixenet.com/video_eng.htm.
 
2.8 Claudio Pazienza
De Belgische documentairemaker Claudio Pazienzamaakte de collagefilm ARCHIPELS NITRATE (2009, 62 min) als eerbetoon aan het Brussels filmmuseum, een licht filosofisch getinte visuele symfonie over het geheugen, filmconservering en de vergankelijkheid van het nitraatbeeld.
 
2.9 Bill Morrison
De Canadese regisseur Bill Morrison is gefascineerd door het verval van het nitraatmateriaal, zoals blijkt in DECASIA (2002) en zijn korte films LIGHT IS CALLING en THE MESMERIST. Zie ook THE MINERS’ HYMNS(Bill Morrison & Johann Johannson, 2010).
 
2.10 Peter Tscherkassky
 
2.11 Harun Farocki
 
2.12 Overige voorbeelden van found footage
 
 
 
2.13 Fake Found Footage
De Canadese regisseur Guy Maddin verwijst in al zijn films naar voorbeelden uit de filmgeschiedenis, onder andere in zijn terugblik op zijn geboorteplaats MY WINNIPEG (2007).
Zie verder onder andere:
 
Een bekend voorbeeld van een fake documentary op het gebied van filmerfgoed is FORGOTTEN SILVER (Peter Jackson, 1995), over de ‘onbekende Nieuw-Zeelandse filmpionier’ Colin McKenzie. Deze film is een ironie op de conventies van waarschijnlijkheid en waarheid van filmhistorische documentaires en biedt een speels commentaar op betrouwbaarheid van beelden en van experts. Bij de uitbreng werd de ironie niet begrepen door alle toeschouwers in Australië. Op de dvd staat een vermakelijke documentaire met het verhaal achter de schermen: BEHIND THE BULL: FORGOTTEN SILVER.
 
Een ander voorbeeld van een geslaagde mockumentary is DARK SIDE OF THE MOON (William Karel, 2002), waarin gesteld wordt dat de maanlanding van Apollo 11 is geënsceneerd in de studio.
 
De Nederlandse animatiefilmer Floris Kaaijk gaf met THE ORDER ELECTRUS (2005) een persiflage op de traditionele natuurfilm.
 
Een aparte variant van de fake documentary is de nabootsing van Found Footage in speelfilms, hier is sprake van een imitatie van non-fictie ingebed in fictie.
Een bekend voorbeeld is het bioscoopjournaal “News on the March” in CITIZEN KANE (Orson Welles, 1941). Andere vaak genoemde voorbeelden zijn de speelfilms ZELIG (Woody Allen, 1983) en FORREST GUMP (Robert Zemeckis, 1994).
 
Found Footage kun je ook letterlijk opvatten, als ‘gevonden filmmateriaal’, dit spoor wordt bijvoorbeeld gevolgd bij (horror)films als BLAIR WITCH PROJECT (1999) of TESIS (1996).
 
2.14 pastiches & hommages
Voorbeelden van echo’s van filmerfgoed in speelfilms
 
2.15 Toegift
 
2.16 Found Photography
De Nederlandse experimentele film DE GEVOELIGE PLAAT (Kees Hin/ K.Schippers, 1976) geeft een prachtige impressie van het omvangrijke fotoarchief Merkelbach door eenvoudig een reeks portretfoto’s uit de periode 1913-1969 zonder commentaar en zonder muziek te tonen, in een zorgvuldig afgemeten montage (zie o.a. Skoop 13,1 (jan 1977) 52-53.